Interview Hetty de With

Bestuurder Hetty de With van De Zijlen

Hetty de With is bestuurder bij zorgorganisatie De Zijlen. Het provinciaal dienstencentrum staat in Tolbert. De Zijlen ondersteunt zo’n 1200 mensen met een verstandelijk beperking in Groningen. Hetty de With komt uit het westen van het land, maar woont al 35 jaar in het Westerkwartier. Hoe kijkt zij als bestuurder en inwoner van het Westerkwartier naar de aanstaande herindeling?

Wat betekent de gemeente voor u en uw organisatie?

“Voor ons is de gemeente een vanzelfsprekende partner waarmee we samenwerken op allerlei gebieden. De locaties van De Zijlen maken deel uit van de lokale samenleving, die alleen maar vormgegeven kan worden als je met anderen samenwerkt. De gemeenten en De Zijlen hebben dezelfde filosofie: samenwerken zodat mensen gefaciliteerd worden om zoveel mogelijk zelf te doen. Of het nu gaat om zorg, welzijn, onderwijs, huisvesting of arbeid, we hebben elkaar gewoon hard nodig.

Wat betreft de samenwerking met gemeenten zien we verschillen in bestuursculturen. Ik vind Leek behoudend en voorzichtig, met weliswaar kennis van zaken, maar weinig nieuwsgierig om te leren of te experimenteren. Daardoor krijgen bijvoorbeeld burgerinitiatieven niet altijd de kans die ze verdienen. Als ik kijk naar Zuidhorn dan heb ik de indruk dat zij opener kijken naar de samenleving: ze zijn onderzoekend, ondernemend en nieuwsgierig. Marum heeft dat weer wat minder.

Grootegast heeft een grote mate van concreetheid: hands-on, met de poten in de klei en gewoon aan het werk. Ik geef nu even een indruk van de bestuurscultuur. Ik benadruk wel dat wij met alle gemeenten goed en graag samenwerken. Ik zou me straks in de nieuwe gemeente erg thuis voelen bij een ondernemende, nieuwsgierige en minder op macht sturende bestuurscultuur. Maar ik begrijp goed dat dat in een politieke wereld moeilijk vorm te geven is.”

Begrijpt u waarom de gemeenten hier voor een herindeling kiezen?

“Ja, daar ben ik ook echt voor. Ik begrijp het goed, omdat we te maken hebben met zaken die gemeente-overstijgend zijn. Het is dan niet gek om het Westerkwartier economisch als een eenheid te zien. En ervoor zorgen dat je samenhangend beleid voert, waardoor je zaken niet drie of vier keer hoeft te doen. Dat gaat bijvoorbeeld over economie, arbeidsmarkt, natuur en milieu. Er is nu al samenwerking op veel terreinen in het Westerkwartier. Ik heb mezelf altijd gevoeld als inwoner van het Westerkwartier en niet zozeer als inwoner van Grootegast en Marum. Dat heeft denk ik te maken met dat ik hier niet geboren ben.

Verder zie ik een aantal uitdagingen en kansen voor de nieuwe gemeente. Ten eerste de grootschaligheid. Ik vind het spannend wat straks gemeenschappelijk gaat en wat lokaal blijft. Mensen houden niet van grootschaligheid, behalve wanneer ze er voordeel bij hebben, zoals winkels. Maar als het gaat om een paspoortverlenging of informatie, dan is het ontzettend belangrijk dat er in dorpen gemeentelijke steunpunten zijn.

Ten tweede de dienstverlening. Als ik naar het gemeentehuis ga en vervolgens blijkt dat het gemeentehuis bijna de hele vakantie dicht is, dan vind ik dat bizar. Ik kan mij voorstellen dat het nu voor een gemeentehuis lastig is, maar dat er straks altijd een gemeentehuis open is, van ’s morgens 8 uur tot ‘s avonds 8 uur. Als je echt dienstbaar wil zijn naar je bevolking, dan moet je ook open en toegankelijk zijn.

“Als ik kwetsbaar ben of met armoede te maken heb, dan is het Westerkwartier geen slechte plek om te wonen.”

Ten derde kan er efficiënter en meer vanuit de burger georganiseerd worden. Ik ben ervan overtuigd dat wanneer de burgerbeweging steviger wordt, het de moeite waard is om hiermee te experimenteren. Organiseer niet alles langs de hiërarchische lijnen, maar organiseer samen met burgers op inhoud. Maak gebruik van bestaande netwerken in bepaalde kernen en ga vooral niet een groot gebouw neerzetten voor het nieuwe bestuur, dat wordt een bastion.

Onderzoek als gemeente wat mensen verwachten en welke verbindende of faciliterende rol de gemeente kan spelen. Kijk of je de diensten over de kernen kunt verdelen. Het zou een enorme stap in de goede richting zijn als mensen over hun eigen schaduw heen willen kijken.

Ten vierde kan er tussen de kernen beter afgestemd worden. Je kunt enorm investeren in een bruisende kern, maar ik vraag ik me af of dit wel eens wordt afgestemd met andere dorpen. Als ik zie dat een deel van de panden in Leek leegstaat en dat er ergens anders weer een nieuw pand gebouwd wordt, dan denk ik: hoe blijft het centrum echt leefbaar? Na de herindeling moet meer op elkaar afgestemd worden, in plaats van te concurreren met elkaar. Dat is ten dode opgeschreven, want zoveel zal het Westerkwartier niet meer groeien in de komende jaren.

Ik ben verder kritisch over te grote boerenbedrijven. Ik vind dat de gemeente vaker de belangen van individuele burgers en hun gezondheid af mag zetten tegen het individuele belang van een grote boer. Het is de toekomst om beter voor het milieu te zorgen. Vijfentwintig jaar geleden zat het hier vol met weidevogels. Ze zijn nu allemaal weg. We hebben prachtige initiatieven als de Gebiedscoöperatie Westerkwartier op het gebied van duurzaam bouwen. Wat zou het fijn zijn als de gemeente duurzaamheid ook echt een plek geeft in haar beleidsprogramma. Maar ik erken dat de politiek hier het laatste woord in heeft.”

Wat is volgens u de identiteit van het Westerkwartier?

“Wat ik mooi vind aan de gemeenten in het Westerkwartier is dat er een diep sociaal gevoel is, een diep gewortelde verantwoordelijkheid die je hebt als mensen voor elkaar. Je leeft niet alleen voor jezelf, je hebt ook verantwoordelijk voor anderen die het minder goed getroffen hebben. De opvatting van veel mensen in Nederland is: probeer zoveel mogelijk zelf je eigen broek op te houden. Dat vind ik ook hartstikke goed, maar als ik kwetsbaar ben of met armoede te maken heb, dan is het Westerkwartier geen slechte plek om te wonen. Iedereen doet hier mee, iedereen draagt bij.

Ik ben hartstikke blij met de prachtige natuur in het Westerkwartier, het coulisselandschap. Ik vind het echt een heel erg mooi gebied. Ik woon hier nu zo’n vijfendertig jaar. In die tijd is er heel erg veel opgeknapt, burgers hebben ongelofelijk veel geïnvesteerd. Het Westerkwartier is nu stukken welvarender dan toen we hier kwamen wonen. Ik ben blij met de voorzieningen, de zorg voor ouderen en mensen met een beperking. Er is veel vrijwilligerswerk, dat is een teken dat mensen zorg hebben voor elkaar en het fijn vinden om iets te betekenen voor een ander. Daar mag de gemeente wat mij betreft ook echt trots én zuinig op zijn. Het grootste deel van onze vrijwilligers zit in het Westerkwartier.

Het is hier rustig en je zit hier ook niet aan het eind van de wereld. Je bent in een kwartier in Groningen stad en in twintig minuten in Drachten. Er zijn goede voorzieningen en het is veilig, je wordt hier bijna nooit lastig gevallen. De charme van een dorp is dat je elkaar kent en elkaar groet. Dat is waardevol. Een samenleving waar niemand om elkaar geeft, daar moet ik niet aan denken. Het is hier normaal dat de buren elkaar helpen, dat is denk ik een kenmerk van het hele Westerkwartier. Ik zou hier wel oud willen worden. Als je de karakteristiek van het Westerkwartier zou moeten samenvatten is dat de natuur en onderlinge hulpvaardigheid. Dat zijn hele mooie kwaliteiten.”

Aanmelden nieuwsbrief

E-mailadres:*
Facebook
Twitter